Doorgaan naar hoofdcontent

Matig advocatig deel II - Ik ben creatief



Advocaten besteden een groot gedeelte van hun potentieel billable dagdelen aan zelfmedelijden (zie Matig Advocatig I). Daarbij lijden ze niet in stilte maar betrekken ze vrienden en verre kennissen in hun klaagsessies. Die vrienden en kennissen mogen tijdens zo'n onderhoud afwisselend een warm en begripvol "jee" of jeetje" zeggen. Kritiek of, bah, oplossingen voor gestelde problemen worden niet gewaardeerd door de Togaklagers. Het is eenrichtingsverkeer weet je wel.

Wat is eigenlijk de oorzaak voor al dit gevoelde leed en onrecht? Waarom wordt juist deze groep zo getroffen door twijfel en depressies?
Het antwoord is ontluisterend. En menig vriend van advocaat is reeds bekend met het volgende inzicht, dat door de advocaat in kwestie zelf naar voren is gebracht.

Eigenlijk zou hij/zij helemaal geen advocaat moeten zijn, hij/zij is namelijk Creatief.
En creatieve mensen zijn geen advocaat, die hebben beroepen als fotograaf, journalist of sieradenontwerper.
Creatieve mensen werken bij de Elle en organiseren de Fashionweek.
Geen wonder dat de advocaat zo ongelukkig is! Hij heeft een groot talent, dat door iedereen over het hoofd is gezien en daardoor nooit tot wasdom is gekomen! Wat een afschuwelijke misstand. En schrijnend, de wereld is zich namelijk niet eens bewust van het genie dat aan haar verloren is gegaan.
De nieuwe Annie Leibovitz, Viktor en Rolf, Carice van Houten: in de kiem gesmoord!

Waarom denken advocaten, vrijwel zonder uitzondering, dat ze creatief zijn? Het is niet genoeg dat ze goed konden leren, een universitaire opleiding hebben afgerond, en een een bovengemiddeld salaris verdienen. Nee, ze hebben ook een hele andere kant, zijn stuk voor stuk heel bijzonder. Was advocaat X nu maar een beetje door zijn omgeving gestimuleerd om "iets" met die creatieve kant te gaan doen, zo redeneert hij hardop (jij zit nog steeds aan de andere kant van de lijn), dan was hij al lang doorgebroken als acteur in een moeilijk toneelstuk tegenover Gijs Scholten van Asschat.

Het antwoord is dat advocaten meestal aartlui zijn. Ze hebben een beroep gekozen waarin ze door een strenge schoolmeester (de partner) achterna worden gezeten en die ze straf geeft als ze hun huiswerk niet maken. De luie advocaat denkt dat "creatieveling" eigenlijk niet werkt, dat muziekstukken, modeshows en romans zonder inspanning door een magisch talent tot stand komen. Wat een droom, zo'n creatief luizenleven!
Deze advocaten raad ik het boek Outliers van Malcolm Gladwell aan, waaruit volgt dat zelfs buitengewone talenten pas genieen worden als ze gemiddeld 10.000 uur aan hun talent hebben gewerkt. Niet meer zeuren over een urennom van 1600 per jaar dus, Advocaat.

Reacties

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Populaire berichten van deze blog

Floris & Fatima

Minder dan vijf procent van de advocaten bij de grote kantoren is allochtoon. Dat bleek uit de najaarsbijeenkomst van de commissie diversiteit van de Orde van Advocaten.
Als de Zuidas een persoon zou zijn, zou het een gezellige corpsbal van begin veertig zijn die in het weekend in een Lycra speelpak een Hollandsche buitensport beoefent (schaatsen of wielrennen). De Zuidas is immers nog steeds een roomblank bastion, met een strategisch gepositioneerde Rachid of geadopteerde Chinees voor het Benneton-gevoel. Klinkt hard en lullig. Maar laten we er niet om heen draaien. Ondanks dat de collegezaal steeds gekleurder is geworden, zie je de gekleurde Nederlanders nauwelijks terug bij het jurisprudentieontbijt op kantoor.
De Orde wil dat veranderen en riep een diversiteitsprogramma in het leven. Het woord diversiteit roept een hoop ge-schouderophaal onder collega’s op. “Die willen hier vaak helemaal niet bij een groot kantoor werken. Ze gaan liever als eenpitter aan de slag.”
Op bestuursnive…

Ik fake het....

‘En nu hebben we een investeerder gevonden die heilig in ons bedrijf gelooft!’ schreeuwt mijn oud klasgenoot, net iets te hard. De barman kijkt verstoord op. ‘We kunnen nu mensen aannemen en uitbreiden, Ik ga volgende week naar China om de productielijn op te zetten", gaat ze hysterisch verder. En terwijl ik mij vooral druk maak om mijn functioneringsgesprek de volgende dag, is zij al een uur aan het woord over haar eigen onderneming: Het eerste kwartier luister ik met interesse naar haar passionele betoog, maar na een uur begint mijn aandacht af te glijden naar de details in de armtattoo van de barman. Is dat een draak? ‘En jij? Hoe is het op jouw werk?’ vraagt ze plotseling. Verschrikt kijk ik op. ‘Nou’ antwoord ik. ‘Wel prima.’ Morgen mijn functioneringsgesprek, maar het gaat z’n gangetje.’ NGGGG gaat de quizzoemer: Fout antwoord’ ‘Wel prima’ is niet de kwalificatie die je aan je levenswerk kan hangen vindt het gros van mijn vrienden, maar ook mijn manager hangt de school …

Downdaten

,,Misschien tot de volgende keer”, zei zijn tante. En ze trok haar wiebelende schouders op tot aan haar oorlel. Alsof ze wilde zeggen: we weten ab-so-luut niet waar het heen gaat tussen jou en hem. Je aanwezigheid op het volgende familiediner is als een potje Russian Roulette. Het zou kunnen dat je er weer bij bent, maar de kans is even groot dat deze relatie sneller dan je toyboy kan zeggen is uitgedoofd. Cougar kuchtte ze, of, ze zei het niet, maar ze dacht het wel, terwijl ze haar mond verborg achter een grote Paisley-shawl. Ik heb een jongere vriend. Vier jaar en vier maanden jonger om precies te zijn. We kennen elkaar van werk. Gek, zei mijn mannelijke collega. En ook weer niet. Qua emotionele ontwikkeling was ik natuurlijk blijven steken rond mijn 23ste. Had te maken met een overmatige toewijding aan werk en te weinig tijd voor prive-leven, volgens mijn collega. Moest ik misschien toch een wat aan gaan doen. En hij vergat voor het gemak dat zijn vrouw ook zeker drie jaar jonger …