Doorgaan naar hoofdcontent

Achtergrondzanger

Ik ben verzot op talentenshows. Holland’s Got Talent, X-factor en natuurlijk The Voice. Voor wie de afgelopen weken op een onbewoond eiland heeft gezeten of opgesloten zat in een dataroom: Ben Saunders heeft the Voice gewonnen. Zijn broer, Dean, heeft Popstars gewonnen. Dit is alweer oud nieuws, maar waarschijnlijk een nieuw feit voor een groot deel van de FD lezers. Tja. It beats Nieuwsuur.
Talenten kunnen er wat mij betreft niet genoeg op televisie zijn.
Op de Zuidas zijn we ook gek op talenten, die noemen we hipo's, ofwel high potentials. Iedereen wil het nieuwe talent zijn. Iedereen wil shinen. De toekomstige CEO, partner of topmanager worden. Op mijn afdeling zitten bijna uitsluitend talenten. Bijna iedereen heeft wel een talentenprogramma doorlopen en wacht dan ook op de doorbraak als manager.
Dit creëert een probleem.
. Niet iedereen kan manager zijn. Helaas moeten er mensen over blijven om te managen. Dit is moeilijk te bevatten voor veel van mijn collega’s. Iedereen denkt degene te zijn, die de talentenshow gaat winnen. Met minder wordt geen genoegen genomen.
Dat levert veel gefrustreerde collega’s op. Mijn collega M. is er zo eentje. Hij kan het enkel nog maar over zijn niet verkregen promotie hebben. Tijdens het traineeship is hem voorgehouden, dat hij binnen 3 jaar een managementfunctie zal bekleden. Vier jaar later is dit nog niet het geval. Hij is bang dat als hij te lang op zijn functie zit, het niet meer gaat lukken die top te bereiken. Om er te komen moet je switchen, promotie maken, doorgroeien. En snel. Voor je het weet, ben jij die loser die zijn jubileum viert op een middelmatige plek in de organisatie.
Het vreemde is, dat ons management deze types blijft binnenharken. Wat nu dus een dozijn ontevreden medewerkers op heeft geleverd.
Aan de andere kant van het spectrum bevindt zich mijn collega C. C zit er al wat langer en is ergens weggestopt in een donker hoekje van kantoor. Af en toe komt hij tevoorschijn als er iemand op de afdeling trakteert op een stuk Limburgse vlaai. Op zijn beoordeling krijgt C. iedere keer weer te horen dat hij wat ambitieuzer zou moeten zijn. Zou hij niet ook een coaching traject in willen gaan? C. bedankt dan vriendelijk en keert terug naar zijn plekkie buiten de spotlights. Toch is C. degene die iedereen graag in zijn team wil hebben. Bij vragen moet je bij C. zijn. C. heeft de gave een ander te laten uitblinken. Hij weet door zijn ervaring iedere opdracht goed te laten lopen, waardoor zelfs het meest incompetente talentje er goed vanaf komt.
Zowel C. als M. denker er over na te vertrekken. Beiden omdat ze zich niet gewaardeerd voelen.
Voor onze afdeling zou het een ramp zijn om C. te verliezen. C. is misschien niet de popstar, maar hij is toch zeker wel de achtergrondzanger die nodig is om de popstar te laten shinen. In plaats van the next popstar pleit ik voor de the next back-up vocal. Mijn stem gaat naar C.
Hij heeft de C(ontent)-factor.
.

Reacties

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Populaire posts van deze blog

Floris & Fatima

Minder dan vijf procent van de advocaten bij de grote kantoren is allochtoon. Dat bleek uit de najaarsbijeenkomst van de commissie diversiteit van de Orde van Advocaten.
Als de Zuidas een persoon zou zijn, zou het een gezellige corpsbal van begin veertig zijn die in het weekend in een Lycra speelpak een Hollandsche buitensport beoefent (schaatsen of wielrennen). De Zuidas is immers nog steeds een roomblank bastion, met een strategisch gepositioneerde Rachid of geadopteerde Chinees voor het Benneton-gevoel. Klinkt hard en lullig. Maar laten we er niet om heen draaien. Ondanks dat de collegezaal steeds gekleurder is geworden, zie je de gekleurde Nederlanders nauwelijks terug bij het jurisprudentieontbijt op kantoor.
De Orde wil dat veranderen en riep een diversiteitsprogramma in het leven. Het woord diversiteit roept een hoop ge-schouderophaal onder collega’s op. “Die willen hier vaak helemaal niet bij een groot kantoor werken. Ze gaan liever als eenpitter aan de slag.”
Op bestuursnive…

Ik fake het....

‘En nu hebben we een investeerder gevonden die heilig in ons bedrijf gelooft!’ schreeuwt mijn oud klasgenoot, net iets te hard. De barman kijkt verstoord op. ‘We kunnen nu mensen aannemen en uitbreiden, Ik ga volgende week naar China om de productielijn op te zetten", gaat ze hysterisch verder. En terwijl ik mij vooral druk maak om mijn functioneringsgesprek de volgende dag, is zij al een uur aan het woord over haar eigen onderneming: Het eerste kwartier luister ik met interesse naar haar passionele betoog, maar na een uur begint mijn aandacht af te glijden naar de details in de armtattoo van de barman. Is dat een draak? ‘En jij? Hoe is het op jouw werk?’ vraagt ze plotseling. Verschrikt kijk ik op. ‘Nou’ antwoord ik. ‘Wel prima.’ Morgen mijn functioneringsgesprek, maar het gaat z’n gangetje.’ NGGGG gaat de quizzoemer: Fout antwoord’ ‘Wel prima’ is niet de kwalificatie die je aan je levenswerk kan hangen vindt het gros van mijn vrienden, maar ook mijn manager hangt de school …

Downdaten

,,Misschien tot de volgende keer”, zei zijn tante. En ze trok haar wiebelende schouders op tot aan haar oorlel. Alsof ze wilde zeggen: we weten ab-so-luut niet waar het heen gaat tussen jou en hem. Je aanwezigheid op het volgende familiediner is als een potje Russian Roulette. Het zou kunnen dat je er weer bij bent, maar de kans is even groot dat deze relatie sneller dan je toyboy kan zeggen is uitgedoofd. Cougar kuchtte ze, of, ze zei het niet, maar ze dacht het wel, terwijl ze haar mond verborg achter een grote Paisley-shawl. Ik heb een jongere vriend. Vier jaar en vier maanden jonger om precies te zijn. We kennen elkaar van werk. Gek, zei mijn mannelijke collega. En ook weer niet. Qua emotionele ontwikkeling was ik natuurlijk blijven steken rond mijn 23ste. Had te maken met een overmatige toewijding aan werk en te weinig tijd voor prive-leven, volgens mijn collega. Moest ik misschien toch een wat aan gaan doen. En hij vergat voor het gemak dat zijn vrouw ook zeker drie jaar jonger …