Doorgaan naar hoofdcontent

Van consultant naar dame-van-plezier

Tik-ker-de-tik. Rustig aan het werk, als any other day. Ik heb de dag onder controle. Het is me duidelijk wat ik moet doen. En dat gaat me lukken voor het avondeten. Dit wordt een heerlijk avondje. Totdat… PANIEK! Ik moet nu, nu, nu naar het kantoor van de klant komen. Inmiddels ben ik lang genoeg consultant om te weten dat paniek of stress vaste onderdelen van het consultantleven zijn. En ook lang genoeg om te weten dat deze paniek in 90% van de gevallen totaal overbodig is. Maar goed, een paniek oproep van een partner is moeilijk te negeren. Dus, ik klap mijn computer dicht, boek de eerste taxi – correctie, limo – richting klant, parkeer mijn computer daar in een kamer en ga op zoek naar de bron van de stress.

Er blijkt een nieuw document te moeten worden geproduceerd. Mijn uitgestippelde plan voor de dag moet dus aangepast worden. Geen probleem, nieuwe omgeving, nieuw overleg, nieuw plan en ik kan weer tik-ker-de-tik aan het werk. Dan, rond een uur of 1 – ’s nachts – is de crisis bezworen. We kunnen gaan. Inmiddels is het kantoor uitgestorven. De enigen die resten zijn de Russische partner, de opdrachtgever en ik. Of ik even mijn jas wil pakken, dan wordt ik bij het hotel afgezet… En dan, PANIEK! Mijn jas. Had ik die niet bij aankomst achtergelaten op een achteraf kamertje? Een achteraf kamertje dat nu op slot zit? En dat met -20 graden. Wat nu?

Maar een Rus, zou een galante Rus niet zijn als hij mij niet zijn jas zou aanbieden. Zijn lange, zware, Russische mannenjas met schoudervullingen. Deze afslaan is geen optie. Een vrouw wordt niet zonder jas naar huis gestuurd. En een vrouw wordt ook thuis gebracht. Het liefst in een grote auto. Zo wil het dus dat ik een half uur later voor het hotel uit een enorme Jeep duikel, verdrinkend in een veel te grote mannenjas, zwaaiend naar de twee Russen die nog in de auto zitten. Als ik vervolgens ook nog bij de receptie om een nieuw toegangspasje moet vragen voor mijn kamer – want ja, dat zat ook in mijn jas – kan de portier zijn lachen bijna niet inhouden. ‘Ah, je jas vergeten midden in de nacht. Tuurlijk. Ja, dat gebeurt wel vaker. Geen probleem. Je was aan het werk zeker?’

De volgende dag loop ik, opnieuw in de jas, richting kantoor. Met mijn meest arrogante blik erbij. Van oversized T-Shirt tot oversized jas, als je er maar zelfverzekerd bij kijkt kan alles een mode-statement zijn, toch? En zo probeer ik mijn image weer terug te draaien van dame-van-plezier naar succesvolle consultant. Maar misschien is dat niet eens zo makkelijk. Wie zei er ook alweer dat consultants het bedrijfsleven plezieren...?

Reacties

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Populaire posts van deze blog

Floris & Fatima

Minder dan vijf procent van de advocaten bij de grote kantoren is allochtoon. Dat bleek uit de najaarsbijeenkomst van de commissie diversiteit van de Orde van Advocaten.
Als de Zuidas een persoon zou zijn, zou het een gezellige corpsbal van begin veertig zijn die in het weekend in een Lycra speelpak een Hollandsche buitensport beoefent (schaatsen of wielrennen). De Zuidas is immers nog steeds een roomblank bastion, met een strategisch gepositioneerde Rachid of geadopteerde Chinees voor het Benneton-gevoel. Klinkt hard en lullig. Maar laten we er niet om heen draaien. Ondanks dat de collegezaal steeds gekleurder is geworden, zie je de gekleurde Nederlanders nauwelijks terug bij het jurisprudentieontbijt op kantoor.
De Orde wil dat veranderen en riep een diversiteitsprogramma in het leven. Het woord diversiteit roept een hoop ge-schouderophaal onder collega’s op. “Die willen hier vaak helemaal niet bij een groot kantoor werken. Ze gaan liever als eenpitter aan de slag.”
Op bestuursnive…

Ik fake het....

‘En nu hebben we een investeerder gevonden die heilig in ons bedrijf gelooft!’ schreeuwt mijn oud klasgenoot, net iets te hard. De barman kijkt verstoord op. ‘We kunnen nu mensen aannemen en uitbreiden, Ik ga volgende week naar China om de productielijn op te zetten", gaat ze hysterisch verder. En terwijl ik mij vooral druk maak om mijn functioneringsgesprek de volgende dag, is zij al een uur aan het woord over haar eigen onderneming: Het eerste kwartier luister ik met interesse naar haar passionele betoog, maar na een uur begint mijn aandacht af te glijden naar de details in de armtattoo van de barman. Is dat een draak? ‘En jij? Hoe is het op jouw werk?’ vraagt ze plotseling. Verschrikt kijk ik op. ‘Nou’ antwoord ik. ‘Wel prima.’ Morgen mijn functioneringsgesprek, maar het gaat z’n gangetje.’ NGGGG gaat de quizzoemer: Fout antwoord’ ‘Wel prima’ is niet de kwalificatie die je aan je levenswerk kan hangen vindt het gros van mijn vrienden, maar ook mijn manager hangt de school …

Downdaten

,,Misschien tot de volgende keer”, zei zijn tante. En ze trok haar wiebelende schouders op tot aan haar oorlel. Alsof ze wilde zeggen: we weten ab-so-luut niet waar het heen gaat tussen jou en hem. Je aanwezigheid op het volgende familiediner is als een potje Russian Roulette. Het zou kunnen dat je er weer bij bent, maar de kans is even groot dat deze relatie sneller dan je toyboy kan zeggen is uitgedoofd. Cougar kuchtte ze, of, ze zei het niet, maar ze dacht het wel, terwijl ze haar mond verborg achter een grote Paisley-shawl. Ik heb een jongere vriend. Vier jaar en vier maanden jonger om precies te zijn. We kennen elkaar van werk. Gek, zei mijn mannelijke collega. En ook weer niet. Qua emotionele ontwikkeling was ik natuurlijk blijven steken rond mijn 23ste. Had te maken met een overmatige toewijding aan werk en te weinig tijd voor prive-leven, volgens mijn collega. Moest ik misschien toch een wat aan gaan doen. En hij vergat voor het gemak dat zijn vrouw ook zeker drie jaar jonger …