Doorgaan naar hoofdcontent

Pleidooi voor de kantoorhamster



Even wanen we ons echte ondernemers. Met een oranje Bassie pruik op, een rood/wit/blauw jurkje aan en een hartjes zonnebril op, brengen we schreeuwend ons waar aan de man. ‘Vintage mantelpakje. Vijf euri. Weg is weg.’ Aan het einde van de dag tellen we dronken van de flessen Prosecco onze winst. 160 Euro en 25 cent. Netjes. Dat is 80 euro en 10 cent de man. Genoeg om de rest van de dag door te komen op het Amstelveld en het Marie-Heineken plein. Dat ondernemerschap is zo gek nog niet.

Op de Zuidas zijn we gek op ondernemende typjes. Een eigen bedrijf staat indrukwekkend op je CV. Wij, kantoorhamsters, smullen bij een mooi verhaal over ondernemerschap. Voor de meeste van ons blijft het hebben van een eigen bedrijf bij een droom. We zijn te bang en zien teveel risico’s. Een ondernemer heeft visie, neemt verantwoordelijkheid en is daadkrachtig. Prachtige eigenschappen..
Naast deze eigenschappen is een ondernemer niet bang voor risico’s en gewend om beslissingen te nemen. Want zonder risico geen rendement weet een ondernemer. De ene ondernemer zal iets meer risico avers zijn, dan de andere ondernemer. Deze laatste zal misschien meer rendement behalen, maar ook sneller op zijn plaat gaan. Het risico op faillissement lopen ze in principe allemaal.

Hoe anders is dat voor de kantoorhamster. Hij krijgt misschien een minder goede beoordeling. ‘Het schort nog even aan de kennis van producten’, luidt het oordeel van de baas, na een grote misser. ‘We gooien er een cursus tegenaan.’ Een 6 dit jaar in plaats van een 10. Balen, maar morgen schijnt de zon en tikken we weer vrolijk verder tot vijf uur. De kantoorhamster komt niet in de schuldsanering terecht.

Dus blijven we veilig in de glazen torens zitten, verlangend naar het runnen van onze eigen miljoenen imperium. In cupcakes bijvoorbeeld, of een leuk internetbedrijfje.
Heel af en toe komt er een echt ondernemend type ons kantoor binnenwalsen. Zo een met daadkracht. Zo een die enkel upward potential ziet. Zoals mijn nieuwe collega V. Collega V. komt uit een ondernemersgezin. Zijn vader heeft een eigen bedrijf en zelf runt hij met vrienden een online webwinkel. Collega V. wil zijn kansen grijpen. Collega V. heeft geen zin in administratieve rompslomp, juridisch gezeur en bureaucratisch geneuzel. Collega V. ziet honderden mogelijkheden en geen enkel risico. Maar Collega V. zit dan ook niet met zijn eigen geld in dit bedrijf. Het zijn anderen, de aandeelhouder en de cliƫnt, wiens geld op het spel staat.
Zonder bang te hoeven zijn voor een executieverkoop van zijn huis vanwege verkeerde investeringsbeslissingen, is voor Collega V. de sky the limit.
Gelukkig zijn daar nog de kantoorhamsters, die hem haarfijn weten uit te leggen wat er allemaal fout kan gaan. Collega V. is gefrustreerd. Hij heeft het gevoel dat er kansen aan zijn neus voorbij gaan. Het bloed stroomt waar het niet gaan kan.

Ondertussen heeft de kantoorhamster ongemerkt de aandeelhouder of de client behoedt voor misschien wel een groot verlies. Misschien is'ondernemend' toch niet altijd en overal zo’n goede eigenschap. Behalve natuurlijk op de vrijmarkt met Bassie pruik op

Reacties

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Populaire posts van deze blog

Floris & Fatima

Minder dan vijf procent van de advocaten bij de grote kantoren is allochtoon. Dat bleek uit de najaarsbijeenkomst van de commissie diversiteit van de Orde van Advocaten.
Als de Zuidas een persoon zou zijn, zou het een gezellige corpsbal van begin veertig zijn die in het weekend in een Lycra speelpak een Hollandsche buitensport beoefent (schaatsen of wielrennen). De Zuidas is immers nog steeds een roomblank bastion, met een strategisch gepositioneerde Rachid of geadopteerde Chinees voor het Benneton-gevoel. Klinkt hard en lullig. Maar laten we er niet om heen draaien. Ondanks dat de collegezaal steeds gekleurder is geworden, zie je de gekleurde Nederlanders nauwelijks terug bij het jurisprudentieontbijt op kantoor.
De Orde wil dat veranderen en riep een diversiteitsprogramma in het leven. Het woord diversiteit roept een hoop ge-schouderophaal onder collega’s op. “Die willen hier vaak helemaal niet bij een groot kantoor werken. Ze gaan liever als eenpitter aan de slag.”
Op bestuursnive…

Ik fake het....

‘En nu hebben we een investeerder gevonden die heilig in ons bedrijf gelooft!’ schreeuwt mijn oud klasgenoot, net iets te hard. De barman kijkt verstoord op. ‘We kunnen nu mensen aannemen en uitbreiden, Ik ga volgende week naar China om de productielijn op te zetten", gaat ze hysterisch verder. En terwijl ik mij vooral druk maak om mijn functioneringsgesprek de volgende dag, is zij al een uur aan het woord over haar eigen onderneming: Het eerste kwartier luister ik met interesse naar haar passionele betoog, maar na een uur begint mijn aandacht af te glijden naar de details in de armtattoo van de barman. Is dat een draak? ‘En jij? Hoe is het op jouw werk?’ vraagt ze plotseling. Verschrikt kijk ik op. ‘Nou’ antwoord ik. ‘Wel prima.’ Morgen mijn functioneringsgesprek, maar het gaat z’n gangetje.’ NGGGG gaat de quizzoemer: Fout antwoord’ ‘Wel prima’ is niet de kwalificatie die je aan je levenswerk kan hangen vindt het gros van mijn vrienden, maar ook mijn manager hangt de school …

Downdaten

,,Misschien tot de volgende keer”, zei zijn tante. En ze trok haar wiebelende schouders op tot aan haar oorlel. Alsof ze wilde zeggen: we weten ab-so-luut niet waar het heen gaat tussen jou en hem. Je aanwezigheid op het volgende familiediner is als een potje Russian Roulette. Het zou kunnen dat je er weer bij bent, maar de kans is even groot dat deze relatie sneller dan je toyboy kan zeggen is uitgedoofd. Cougar kuchtte ze, of, ze zei het niet, maar ze dacht het wel, terwijl ze haar mond verborg achter een grote Paisley-shawl. Ik heb een jongere vriend. Vier jaar en vier maanden jonger om precies te zijn. We kennen elkaar van werk. Gek, zei mijn mannelijke collega. En ook weer niet. Qua emotionele ontwikkeling was ik natuurlijk blijven steken rond mijn 23ste. Had te maken met een overmatige toewijding aan werk en te weinig tijd voor prive-leven, volgens mijn collega. Moest ik misschien toch een wat aan gaan doen. En hij vergat voor het gemak dat zijn vrouw ook zeker drie jaar jonger …